Start   Jac Maris   & Anderen   Gebouw   Collectie   Exposities   Over ons   Zakelijk   Museumwinkel   Steun AJM   Media   Overig   Contact 

010 – Oprijzende Zielen, uit Dante’s Purgatorio

Kunststeen, sporen van blauwgroene verf, h. 103 cm, ges. ged. J. Maris 1928 (beeldentuin)

Twee getourmenteerde vrouwen-lichamen die opwaarts zweven. Het onderwerp gaat terug op de Divina Commedia, een literair werk van de Italiaanse dichter Dante (1265-1321) die beschrijft hoe hij, begeleid door de klassieke schrijver Vergilius, een rondgang maakt langs hel, hemel en vagevuur. De oprijzende zielen zag hij in het Purgatorio, de louteringsberg of het vagevuur, dat is in de christelijke optiek de plaats waar zielen moeten lijden tot ze toegelaten worden tot de hemel. Sedert de negentiende eeuw was Dante weer een veelgelezen schrijver, waar menig romantisch kunstenaar zich door liet inspireren.
Auguste Rodin ontwierp bijvoorbeeld De Hellepoort *.
Maris koos als onderwerp het vagevuur, plaats van kwellingen en onzekerheid. Met deze spanningsvolle compositie en in het impressio­nistisch geboetseerde oppervlak toont Maris zich een bewonderaar van Rodin.
Maris boetseerde zijn werk eerst in klei, maakte met dat model gipsen mallen waarmee hij een versie in cement goot. Nadat het cementmengsel was uitgehard, hakte hij het gips eraf. Hij werkte dus met wat men een verloren mal noemt.
Hij zond het werk naar de najaarstentoonstelling van Sint Lucas in het Stedelijk Museum van Amsterdam, in 1928. In de catalogus werd het vermeld als een werk in groene kunststeen.
Tegenwoordig zien we nagenoeg alleen nog de kleurcomponent blauw, die kennelijk het beste bestand was tegen de tijd en de weersomstandigheden.

Het werk werd opgemerkt door Kasper Niehaus, kunstcriticus van De Telegraaf, die schreef:
Jacques Maris, die in z’n soms gevoelvolle, pathe­tische plastieken als b.v. de zich opwaarts begevende zielen uit Dante’s Purgatorio, het voorbeeld van Rodin’s groote, thans ietwat buiten den tijd vallende kunst volgt.

De terughoudende toon van de recensie kan er toe bijgedragen hebben dat Maris in de komende jaren een andere stijl zou ontwikkelen.

Interessant is dat Maris dit literaire onderwerp associeerde met elementen uit de werkelijkheid.
In 1992, in een interview, haalde hij een herinnering op aan de Eerste Wereldoorlog. Hij had toen op het station van Kleef groepen soldaten gezien die naar het front gingen.

Het was Dante wat ik zag. Dante’s Purgatorio. Deze indruk heb ik ook altijd gehouden. Dat was mijn eerste traumatische indruk die ik moest maken van oorlog.